De warme bakker (een vrolijk liedje)
Bakker Janmaat uit de Panstraat nummer zeven
besloot het water bloem en gist er aan te geven,
want elke morgen rondom vier de spond’ uit rollen
ter bereiding van de bruin-en witte bollen
dat zag de bakker op de duur niet meer zo zitten,
hij wilde voortaan ietsje langer blijven pitten.
Zijn vrouw Keetje kon met dit besluit goed leven
want vier uur later uit je bed scheelt toch wel even.
En bovendien verlangden klanten steeds meer grollen,
Dwars-ongebuild of Bio-grof of Boekweit-stollen.
Die lagen in haar winkel nimmer voor het pakken
want Janmaat wist niet hoe die flauwekul te bakken.
In het begin was hun pensioen als in de hemel.
Bevrijd van meelzak deegtrog en het klantgezemel
genoten zij de zegening van lange nachten,
want drie voor vier maakt veel verschil met tien voor achten.
Maar na verloop van tijd toen werd de warme bakker
weer voor het kraaien van de haan in ‘t donker wakker.